Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 16

Studie

Onderdeel van Uitvoeringsregeling Spaarloon 2005

Lid 1 Het is de Deelnemer toegestaan, het op de Centraal Beheer Achmea Spaarloon Rekening uitstaande Spaarloon op te nemen voor: het volgen van een opleiding of studie door de Deelnemer, met het oog op het verwerven van inkomen uit werk en woning, met uitzondering van kosten: die verband houden met een werk- of studeerruimte, daaronder begrepen de inrichting van binnenlandse reizen voor zover die meer bedragen dan het bedrag per kilometer, bedoeld in artikel 15b, eerste lid, onderdeel b van de Wet. cursussen, congressen, seminars, symposia, excursies, studiereizen en dergelijke, gevolgd door de Deelnemer ter behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking. Lid 2 Opname van het op de Centraal Beheer Achmea Spaarloon Rekening uitstaande Spaarloon ten gunste van een door de Deelnemer gevolgde studie als omschreven in dit artikel steeds binnen zes maanden na aanvang van de studie dan wel de aanschaf van de benodigde studiemiddelen plaatsvinden. Het minimum op te nemen bedrag per keer bedraagt € 225,--. Lid 3 Een opname voor studie zal vooraf beoordeeld en geaccordeerd worden door de Werkgever en voorzien van een rechtsgeldige handtekening ten blijke van dit akkoord, ter afwikkeling/uitbetaling worden gezonden aan de Bank. De Werkgever heeft alsdan de verantwoordelijkheid van de uitvoerder voor dit aspect van de Centraal Beheer Achmea Spaarloonregeling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel