Lid 1
Gehele of gedeeltelijke verhindering wegens ziekte om de betrekking te vervullen schort de opbouw van compensatie-uren op vanaf het moment dat de ziekte een aaneengesloten periode van 5 werkdagen c.q. 40 werkuren heeft geduurd tot het moment waarop de werkzaamheden volledig worden hervat. Een opnieuw ingetreden verhindering tot het geheel of gedeeltelijk vervullen van de betrekking wegens ziekte wordt voor het bepalen van de in dit lid bedoelde periode van 5 dagen als een voortzetting van de vorige verhindering beschouwd, tenzij die verhindering zich voordoet nadat tenminste 2 werkdagen c.q. 16 werkuren zijn verstreken sedert de ambtenaar zijn betrekking volledig heeft hervat.
Lid 2
Gehele of gedeeltelijke afwezigheid wegens buitengewoon verlof op grond van de Wet Arbeid en Zorg dan wel op grond van de CAR/UWO, langer dan 5 aaneengesloten werkdagen schort de opbouw van compensatie-uren naar rato op vanaf het moment waarop het buitengewoon verlof een aanvang neemt tot het moment waarop de werkzaamheden weer volledig worden hervat.
Lid 3
De ambtenaar die tijdens één of meerdere perioden van collectieve sluiting geheel of gedeeltelijk wegens ziekte zijn werkzaamheden niet kan verrichten, heeft geen aanspraak op vervangende compensatie-uren.
Hoofdstuk
Artikel 5b
Compensatie-uren en opbouw tijdens ziekte/buitengewoon verlof
Onderdeel van Werktijdenregeling 2005/2