Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 12

De agenda

Onderdeel van Verordening op de raadscommissies

Lid 1 Voordat de schriftelijke oproep wordt verzonden, stelt de voorzitter de agenda van de vergadering voorlopig vast. Lid 2 In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een vergadering een aanvullende agenda opstellen. Lid 3 Op de agenda wordt bij de te behandelen raadsvoorstellen vermeld met welke contactambtenaar de raads- en commissieleden in overleg kunnen treden over vragen van technische en/of informatieve aard. Lid 4 Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen  of van de agenda afvoeren. Lid 5 Wanneer de raadscommissie een onderwerp of voorstel onvoldoende voor de beraadslaging voorbereid acht, kan zij aan het college of de burgemeester nadere inlichtingen of advies vragen en het onderwerp of voorstel afvoeren van de agenda. De raadscommissie bepaalt voor welke vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw geagendeerd wordt. Lid 6 Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen.

Rechtspraak bij dit artikel