Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Bomenverordening Alblasserdam 2008

In deze verordening wordt verstaan onder: boom: Een houtachtig, opgaand gewas. Indien het betreft houtopstand in privaat eigendom, in afwijking van het in vorige zin bepaalde een dwarsdoorsnede van minimaal 0,20 meter op 1,3 meter hoogte. In geval van meerstammigheid geldt de dwarsdoorsnede van de dikste stam. houtopstand: Eén of meer bomen of boomvormers, of andere houtachtige gewassen, mogelijk onderdeel uitmakend van hakhout, een houtwal, een grotere (lint)begroeiing van heesters en struiken, een beplanting van bosplantsoen, een struweel of een heg, met de onder sub a genoemde minimale dwarsdoorsnede. monumentale boom: Bijzondere beschermwaardige houtopstand met een relatief hoge leeftijd en met een bijzondere schoonheid- of zeldzaamheidswaarde, of een bijzondere functie voor de omgeving. waardevolle particuliere boom: Beschermwaardige houtopstand, belangrijk voor de groenstructuur van Alblasserdam. vellen: Rooien; kappen; verplanten; het snoeien van meer dan 20 procent van de kroon of het wortelgestel, met inbegrip van kandelaberen; het verrichten van handelingen, zowel boven- als ondergronds, die de dood of ernstige beschadiging of ernstige ontsiering van de houtopstand ten gevolge kunnen hebben. boomwaarde: de monetaire waarde van een boom zoals getaxeerd volgens de meest recente richtlijnen van Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen. bomen effect analyse: Een standaard beoordeling van de gevolgen van voorgenomen bouw of aanleg voor houtopstand, op basis van landelijke richtlijnen van de Bomenstichting. gemeentelijk bomenfonds: Een fonds waarin geldelijke bijdragen worden gestort voortkomend uit opgelegde verplichting verbonden aan herplant genoemd in artikel 8 en 9.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel