**1..** De precariobelasting wordt niet geheven:
1. ter zake van het hebben van:
a. voorwerpen ten behoeve van percelen, waarvan de gemeente krachtens eigendom, bezit of beperkt recht de genothebbende is, met uitzondering van die percelen, waarin de gemeentebedrijven worden uitgeoefend en van die, welke aan derden zijn verhuurd;
b. voorwerpen welke ingevolge een wettelijk voorschrift moeten worden gedoogd;
c. buizen in de grond tot lozing van fecaliën, van huishoud- of van hemelwater;
d. voorwerpen, gebruikt voor activiteiten met een politiek, godsdienstig, geestelijk, wereldbeschouwelijk, sociaal, medisch, weldadig doel dan wel, voor zover geen sprake is van een directe of indirecte commerciële (neven)activiteit, voor activiteiten met een sportief, cultureel, recreatief of mediadoel;
e. voorwerpen op de openbare weg bij kleinschalige niet-commerciële buurtactiviteiten;
f. voorzieningen, aangebracht ten behoeve van mindervaliden, tot het toegankelijk maken van een eigendom;
voor het hebben op voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond van wegwijzers of soortgelijke voorwerpen van de Algemene Nederlandse Wielrijders Bond en van daarmede op één lijn te stellen lichamen; van brievenbussen, postzegelautomaten, telefooncellen, kabelverdeelkasten en transformatorhuisjes en halteaanduidingen van openbare middelen van vervoer;
voor het gebruik van voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, danwel het hebben van voorwerpen op, boven of onder die grond, waarvoor uit andere hoofde betaling aan de gemeente moet geschieden;
voor het hebben van over de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond opendraaiende voorwerpen, welke krachtens wettelijk voorschrift naar buiten openslaand moeten worden gemaakt;
voor het hebben van rails op of in de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond ten behoeve van openbare middelen van vervoer;
voor het hebben van, plat tegen de gevel der percelen aangebrachte voorwerpen voor reclame doeleinden, uitsluitend vermelden de naam en het beroep of bedrijf van de bewoner of gebruiker van het pand waaraan de voorwerpen zijn bevestigd, een en ander voor zover bedoelde voorwerpen niet groter zijn dan 0,3 m2;
voor het hebben van stoepen en trappen voor bouwwerken, wanneer deze noodzakelijk zijn geworden door vanwege de gemeente aangebrachte rekonstruktie van de hoogteligging van voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond;
voor het in gebruik nemen van de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond voor het organiseren van volksfeesten, optochten en dergelijk door het college van burgemeester en wethouders goedgekeurde manifestaties.
**2..** De in onderdeel 11 van de tarieventabel opgenomen belasting wordt niet geheven:
indien de betreffende grond, hoewel de kosten daarvan in de koopsom van het aangrenzende bouwperceel zijn begrepen, eigendom van de gemeente blijft ten einde daarop van gemeentewege volgens het geldende bestemmingsplan, een grasperk, plantsoen of plein aan te leggen en te onderhouden;
ten behoeve van de bouw en renovatie van woningen door toegelaten instellingen, als bedoeld in artikel 70 van de Woningwet.
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2012