• - Bij iedere begraving op de algemene begraafplaats kan desverlangd gebruik worden gemaakt van de aula en het zich daarin bevindende orgel.
  • - Aan de nabestaanden van een overledene, die op de algemene begraaf­plaats zal worden begraven, kan worden toegestaan het stoffelijk overschot in de aula te doen opbaren en desgewenst aldaar gelegen­heid te geven tot rouwbezoek.
  • - In bijzondere gevallen kunnen burgemeest er en wethouders de in het eerste en tweede lid bedoelde mogelijkheid openstellen ten behoeve van de nabestaanden van een overleden ingezetene , die niet op de algemene begraafplaats zal worden begraven .
  • - Burgemeester en wethouders kunnen naar behoefte het in het eerste en tweede lid bedoelde gebruik van de aul a regelen.
  • - Het in het eerste tot en met het derde lid bedoelde gebruik wordt toegekend tegen betaling van het hiervoor in de heffingsverordening vastgestelde bedrag.