26.4.1. Administratief beroep tegen de afwijzing van een verzoek om kwijtschelding
Als de belastingschuldige zich niet kan verenigen met de beschikking van de ontvanger op het verzoek om kwijtschelding, kan hij zich, door middel van een gemotiveerd beroepschrift, richten tot het college van burgemeester en wethouders. Het beroepschrift wordt ingediend bij de ontvanger. Als de ontvanger een onvolledig of niet gemotiveerd beroepschrift ontvangt, stelt hij de belastingschuldige in de gelegenheid om aanvullende informatie te verstrekken of een motivering in te dienen en wordt belastingschuldige meegedeeld dat het bezwaar niet-ontvankelijk wordt verklaard als het beroepschrift niet binnen de door de ontvanger gestelde termijn aangevuld of gemotiveerd wordt.
In verband met het aan het college uit te brengen advies verzoekt de ontvanger zo nodig om aanvullende informatie van de belastingschuldige. Als de belastingschuldige niet binnen de door de ontvanger gestelde termijn de gevraagde informatie overlegt, stelt de ontvanger hem in de gelegenheid dit alsnog te doen. Als de belastingschuldige hieraan geen gevolg geeft, adviseert de ontvanger het college op basis van de hem beschikbare informatie.
26.4.2. Herhaald verzoek om kwijtschelding
De ontvanger merkt een herhaald verzoek om kwijtschelding aan als een beroepschrift dat gericht is aan het college. Als de ontvanger zelf aanleiding ziet om een gunstigere beslissing te nemen dan in zijn eerdere beschikking, handelt hij het herhaalde verzoek zelf af.
De ontvanger behandelt een herhaald verzoek om kwijtschelding als een eerste verzoek als het verzoek is afgewezen als gevolg van een duidelijke, ambtelijke fout.
In deze gevallen kan de belastingschuldige na de beslissing van de ontvanger een beroepschrift indienen bij het college.
26.4.3. Beroepsfase kwijtschelding
Als uit het beroepschrift niet duidelijk blijkt waarop het beroep is gebaseerd, verzoekt de ontvanger de belastingschuldige het beroepschrift binnen een redelijke termijn (nader) te motiveren. De ontvanger wijst daarbij op een mogelijke niet-ontvankelijkverklaring bij het niet voldoen aan deze motiveringsplicht.
26.4.4. Gegevens en normen eerste verzoek om kwijtschelding
Bij de behandeling van het beroepschrift of het herhaalde verzoek om kwijtschelding zijn de gegevens en normen van belang die van toepassing waren bij de beoordeling van het eerste verzoek. Wanneer echter blijkt dat het inkomen van de belastingschuldige ten opzichte van het eerste verzoek zodanig is gedaald dat de betalingscapaciteit destijds in belangrijke mate tot een te hoog bedrag is vastgesteld, vindt een herberekening plaats. Ook wijzigingen in de aanspraak inzake huurtoeslag en zorgtoeslag kunnen leiden tot een herberekening. Een herberekening vindt niet plaats bij wijzigingen in de kosten van bestaan.
26.4.5. Beslissing directeur op beroep bij kwijtschelding
In alle gevallen waarin het college het beroep gegrond oordeelt, kan het college de zaak inhoudelijk afdoen. Hetzij door het verzoek alsnog toe te wijzen, hetzij door het af te wijzen onder verbetering of vervanging van de gronden.
26.4.6. Invordering na administratief beroep en herhaald verzoek om kwijtschelding
Als een verzoek om kwijtschelding wordt afgewezen, wordt de invordering niet eerder voortgezet dan nadat veertien dagen zijn verstreken. Artikel 9 van de regeling is van overeenkomstige toepassing. Als binnen de termijn van tien dagen een beroepschrift wordt ingediend, dan wordt gedurende de behandeling van dit beroepschrift ook gehandeld overeenkomstig artikel 9 van de regeling.
Indiening van het beroepschrift na de termijn van tien dagen leidt tot niet-ontvankelijkheid.
26.4.7. Niet tijdig beslissen op een verzoek om kwijtschelding
Als de ontvanger nalaat om tijdig een beslissing te nemen op een verzoek om kwijtschelding, kan de belastingschuldige hiertegen beroep instellen bij het college. Hieraan is geen termijn gebonden.
Artikel 26.4
Administratief beroep
Onderdeel van Leidraad Invordering gemeentelijke belastingen Westland 2011