**1..** De deelnemende gemeenten zullen er steeds zorg voor dragen dat de dienst te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. Zij verbinden zich eerst financieel bij te dragen indien het eigen vermogen van de dienst daalt onder een door de raden van de deelnemende gemeenten vast te stellen bedrag en de vooruitzichten dat het eigen vermogen boven dat bedrag stijgt negatief zijn. Indien het eigen vermogen structureel stijgt boven een door de raden van de deelnemende gemeenten vast te stellen bedrag, kan het algemeen bestuur besluiten:
dat aan dat bedrag een specifieke bestemming binnen de dienst wordt gegeven voor geoormerkte activiteiten;
dat het overschot wordt verdeeld onder de deelnemende gemeenten volgens een door het algemeen bestuur vast te stellen verdeelsleutel.
**2..** Ingeval uit een deelnemende gemeente in enig kalenderjaar geen Wsw-werknemers bij de dienst werkzaam zijn geweest, is die gemeente niettemin gehouden een nader door het algemeen bestuur vast te stellen bedrag bij te dragen.
**3..** De kosten van de dienstverlening als bedoeld in artikel 5, lid 4 komen ten laste van de deelnemende gemeenten of de derden, die om die dienstverlening hebben verzocht.
**4..** Het algemeen bestuur stelt met betrekking tot de in de vorige leden bedoelde bijdragen nadere regelen vast.
**5..** Indien het algemeen bestuur dit nodig oordeelt, dient het bestuur van elke deelnemende gemeente een voorschot op de bijdrage te verstrekken.
**6..** Indien aan het algemeen bestuur blijkt dat een raad van een deelnemende gemeente weigert de in lid 1 bedoelde uitgaven op de begroting te zetten, doet het algemeen bestuur onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 van de Gemeentewet.
Artikel 37
Artikel 37
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Intergemeentelijke Sociale Dienst Midden-Langstraat