Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 7

Hoogte en duur van de maatregel

Onderdeel van Maatregelenverordening WWB 2010

1.. Bij gedragingen als bedoeld in artikel 6, onder a tot en met h, wordt de bijstand voor de duur van een maand met 10% verlaagd; 2.. Indien belanghebbende ook na afloop van de in het eerste lid genoemde maand in de gedraging volhardt, wordt de bijstand in de daarop volgende maand met 20% verlaagd; 3.. Indien belanghebbende ook na afloop van de in het tweede lid genoemde maand in de gedraging volhardt, wordt de bijstand in de daarop volgende maand met 50% verlaagd; 4.. Indien belanghebbende na afloop van de in het derde lid genoemde maand in de gedraging volhardt, wordt de bijstand in de daarop volgende maand met 100% verlaagd; 5.. Indien belanghebbende ook na afloop van de in het vierde lid genoemde maand in de gedraging volhardt, wordt de bijstand aansluitend voor de duur van drie maanden met 100% verlaagd. Indien de gedraging wordt opgeheven binnen de in dit lid genoemde periode van drie maanden wordt de maatregel beëindigd per de eerste van de volgende maand; 6.. Indien belanghebbende na afloop van de in het vijfde lid genoemde drie maanden in de gedraging volhardt, zal een onderzoek tot het al dan niet voortzetten van het recht op bijstand plaatsvinden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel