Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Uitoefening en opdracht bevoegdheden

Onderdeel van Verordening commissie bezwaarschriften 2002

1.. De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de Awb worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie: artikel 2:1, tweede lid (schriftelijke machtiging van gemachtigde vragen); artikel 6:6, wat betreft het de indiener stellen van een termijn; artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie; artikel 7:4, tweede lid, (ter inzage leggen van bezwaarschrift en overige stukken); artikel 7:6, vierde lid, inzake geheimhouding. 2.. De bevoegdheid tot het verdagen van de beslistermijn op grond van artikel 7:10, derde lid wordt opgedragen aan de secretaris.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel