**1..** Het is de rechthebbende op een onroerende zaak, alsmede de hoofdgebruiker van die zaak verboden zonder vergunning van het college deze zaak of een daarop aanwezige zaak te gebruiken of het gebruik daarvan toe te laten voor het maken van handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die vanaf de weg of vanaf een andere voor het publiek toegankelijke plaats zichtbaar is.
**2..** Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op:
opschriften en aankondigingen op zuilen, borden, muren of andere constructies, aangewezen door de overheid;
een constructie waarop de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van toepassing is;
opschriften en aankondigingen ten behoeve van een evenement;
het bevoegd bestuursorgaan kan nadere regels vaststellen ten aanzien van de in dit lid genoemde opschriften en aankondigingen.
**3..** Een vergunning bedoeld in het eerste lid kan worden geweigerd:
indien de reclame, hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van welstand;
in het belang van de verkeersveiligheid;
in het belang van de voorkoming of beperking van overlast voor gebruikers van de in de nabijheid gelegen onroerende zaak.
HOOFDSTUK 4 › Afdeling 4
Artikel 4:15
Verbod hinderlijke of gevaarlijke reclame
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening