**1..** Tenzij Burgemeester en Wethouders aanstonds menen dat de vergunning
behoort te worden geweigerd, treden zij over de aanvraag zo spoedig
mogelijk, doch in ieder geval binnen vier weken nadat de aanvraag is
ontvangen, in overleg met de beheerder onder overlegging van de aanvraag
en alle daarop betrekking hebbende bescheiden.
**2..** Burgemeester en Wethouders beschikken op de aanvraag binnen zestien
weken na het indienen van de aanvraag.
**3..** Indien met het oog op het geheel of gedeeltelijk inwilligen van de
aanvraag een wijziging of aanvulling van een aan de gemeente verleende
vergunning voor het brengen van het rioolwater in oppervlaktewater of
naar een rioolwaterzuiveringsinstallatie of enig ander werk waarop de
riolering is aangesloten, noodzakelijk is, dienen Burgemeester en
Wethouders binnen vier weken nadat de aanvraag is ontvangen een daartoe
strekkend verzoek in bij de beheerder. Van de indiening geven zij kennis
aan de aanvrager van de vergunning. Burgemeester en Wethouders
beschikken, voor zoveel nodig in afwijking van het bepaalde in het
voorgaande lid, binnen vier weken na het van kracht worden van de
beslissing van de beheerder of van een daarvoor in de plaats getreden
beslissing in beroep.
**4..** Burgemeester en Wethouders kunnen hun beschikking eenmaal voor ten
hoogste acht weken verdagen.
**5..** Bij de vergunning wordt een gewaarmerkt exemplaar van de op de
vergunning betrekking hebbende tekeningen en bescheiden gevoegd.
**6..** vervallen
**7..** Onverminderd het dienaangaande bepaalde in de Algemene wet
bestuursrecht wordt een afschrift van hun beschikking tevens gezonden
aan de regionale inspecteur van het staatstoezicht op de
volksgezondheid, belast met het toezicht op de hygiëne van het
milieu.
**8..** Een beschikking tot verlening van een vergunning blijft, tenzij bij de
beschikking anders wordt bepaald, buiten werking gedurende de voor het
beroep gestelde termijn en de behandeling van het beroep.