1. Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van goederen, werken en diensten wordt door het college een systeem van kostentoerekening gehanteerd. Bij de kostentoerekening worden naast de directe kosten alleen die indirecte kosten betrokken, die rechtstreeks samenhangen met de door de gemeente verleende diensten.
2. Bij de indirecte kosten worden betrokken de bijdragen aan en onttrekkingen van voorzieningen voor de noodzakelijke vervanging van de betrokken activa, de kapitaallasten van de in gebruik zijnde activa en voor rioolrechten en afvalstoffenheffing de compensabele BTW.
3. De rente voor de rentetoerekening aan de activa en de bespaarde rente wordt bij de kadernota bepaald.
Hoofdstuk 3
Artikel 9