Deze verordening verstaat onder:
gemeentelijk monument: een overeenkomstig deze verordening als
beschermd gemeentelijk monument aangewezen:
zaak, die van algemeen belang is wegens zijn
schoonheid, betekenis voor de wetenschap of
cultuurhistorische waarde;
terrein dat van algemeen belang is wegens een daar
aanwezige zaak bedoeld onder 1;
gemeentelijke monumentenlijst: de lijst waarop zijn
geregistreerd de overeenkomstig deze verordening als
gemeentelijk monument aangewezen zaken of terreinen bedoeld in
onderdeel a;
beschermd monument: beschermd monument als bedoeld in artikel
1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen
omgevingsrecht;
Een monument met een religieuze bestemming: onroerend monument,
dat eigendom is van een kerkgenootschap, kerkelijke gemeente of
parochie of van een kerkelijke instelling en dat uitsluitend of
voor een overwegend deel wordt gebruikt voor de uitoefening van
de godsdienst of levensovertuiging;
beschermd dorpsgezicht: een beschermd dorpsgezicht dat als
zodanig is aangewezen op grond van artikel 35 van de
Monumentenwet 1988;
commissie Welstand en Erfgoed: de op basis van art. 15
Monumentenwet 1988 ingestelde commissie met als taak het college
op verzoek of uit eigen beweging te adviseren over de toepassing
van de Monumentenwet 1988, de Wet algemene bepalingen
omgevingsrecht, de verordening en het monumentenbeleid;
werkgroep Erfgoed: een werkgroep bestaande uit ambtenaren,
externe deskundigen en vertegenwoordigers van maatschappelijke
organisaties die zich inzetten voor het behoud van erfgoed en
cultuurhistorie, zoals de Historische Vereniging Oud-Schipluiden
en de Historische Vereniging Maasland;
gemeentelijke archeologische waardenkaart: topografische kaart
van het gemeentelijke grondgebied of delen van het grondgebied,
waarop (periodiek afhankelijk) archeologische monumenten en
archeologische verwachtingsgebieden zijn aangegeven;
gemeentelijke archeologische verwachting- en beleidsadvieskaart:
kaart van het grondgebied van de gemeente met een schaal van
1:40.000, die op basis van geomorfologische gegevens, de
trefkans weergeeft op de aanwezigheid van archeologische
vindplaatsen, waarbij onderscheid wordt gemaakt in hoge,
middelhoge, lage en zeer lage trefkans;
archeologisch verwachtingsgebied: gebied, aangegeven op de
archeologische waardenkaart, waarvan is aangegeven dat in
bepaalde mate archeologische vondsten of sporen te verwachten
zijn;
hoge verwachtingswaarde: grote trefkans op archeologische
vondsten, sporen of informatie;
middelhoge verwachtingswaarde: gemiddelde trefkans op
archeologische vondsten, sporen of informatie;
lage verwachtingswaarde: kleine trefkans op archeologische
vondsten, sporen of informatie;
plan van aanpak: plan dat weergeeft hoe een archeologische
uitvoerder de vragen zoals omschreven in het programma van eisen
denkt te gaan beantwoorden;
programma van eisen: programma dat door het college wordt
vastgesteld en waarmee kaders worden gesteld voor het ontwerp en
de uitvoering van archeologisch onderzoek;
gemeentelijke beleidsadvieskaart: kaart behorende bij de
archeologische paragraaf van het bestemmingsplan;
bevoegd gezag: bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1 van de
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
het college: het college van burgemeester en wethouders van de
gemeente Midden-Delfland;
vergunning: een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1,
eerste lid, of 2.2 van de Wet algemene bepalingen
omgevingsrecht;
Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
archeologisch deskundige namens het bevoegd gezag: een
archeologisch deskundige, die aangewezen is door het bevoegd
gezag;
AMZ-cyclus/WAMz: de in Nederland geldende cyclus van de
Archeologische Monumentenzorg op grond van de Wet op de
Archeologische Monumentenzorg;
archeologisch onderzoek: onderzoek, in de vorm van
bureauonderzoek of graafwerkzaamheden, met als doel te bepalen
of er op een locatie archeologische resten aanwezig zijn in de
grond, die door bouwwerkzaamheden of andere grondwerkzaamheden
op die locatie kunnen worden verstoord;
opgravingvergunning: een vergunning zoals bedoeld in artikel 45
van de Monumentenwet 1988.
HOOFDSTUK 1.
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Erfgoedverordening gemeente Midden-Delfland 2011