Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3.

Artikel 3.1.2

Samenstelling kleine commissie

Onderdeel van Verordening op de gecombineerde commissie Welstand en Erfgoed 2011

De kleine commissie bestaat uit ten minste twee leden, waaronder een van de gedelegeerden en een burgerlid. Indien er alleen zaken worden besproken ten aanzien van welstand, dan bestaat de kleine commissie uit de welstandsgedelegeerde en het burgerlid welstand. De welstandsgemandateerde zit het overleg voor. Indien er alleen zaken worden besproken ten aanzien van erfgoed, dan bestaat de kleine commissie uit de erfgoedgedelegeerde en ten minste een burgerlid erfgoed. De erfgoedgedelegeerde zit het overleg voor. Indien er zowel zaken ten aanzien van welstand als ten aanzien van erfgoed worden besproken, bestaat de commissie ten minste uit de welstandsgedelegeerde, de monumentgelegeerde, het burgerlid welstand en ten minste een burgerlid erfgoed. In overleg wordt bepaald welke van de twee gedelegeerden het overleg voorzit. Bij de kleine commissie is altijd een medewerker van de afdeling Bouwen, Milieu en Handhaving in de hoedanigheid van plantoelichter aanwezig om zo nodig de commissie nadere informatie te verschaffen over de aanvraag en/of de feitelijke omstandigheden. De plantoelichter heeft een ondersteunende rol en is geen lid van de commissie. Ten behoeve van de advisering van monumenten, voorbereiding en of toetsing van integrale bouwplannen, in voorbereiding zijnde bestemmingsplannen, stedenbouwkundige plannen en andere relevante beleidsstukken kan de kleine commissie incidenteel worden uitgebreid met deskundigen die kennis hebben op stedenbouwkundig, cultuurhistorisch, archeologisch of landschaparchitectonisch gebied.

Rechtspraak bij dit artikel