Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4.

Artikel 4.6

Vooroverleg / Bouwplanoverleg

Onderdeel van Verordening op de gecombineerde commissie Welstand en Erfgoed 2011

Het gemeentebestuur biedt de mogelijkheid om, voorafgaand aan het indienen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het bouwen, door middel van het indienen van een aanvraag voor een preadvies vooroverleg te plegen met de commissie dan wel een namens haar gemandateerd lid Welstand, over de interpretatie van de welstandscriteria in het concrete geval van het bouwplan. Indien het plan een beschermd monument betreft of een beschermd dorpsgezicht betreft, dan worden ook de regels van het erfgoedbeleid en het gemandateerd lid Erfgoed betrokken bij het overleg. Dit vooroverleg kan in principe pas starten nadat duidelijkheid bestaat over de planologische aanvaardbaarheid van het plan. Daarbij kan het gemeentebestuur de planologische aanvaardbaarheid mede laten afhangen van het preadvies van de commissie. De commissie dan wel de namens haar gemandateerde leden dragen uiterste zorg voor consistente beoordelingen in de verschillende planfasen. Het vooroverleg is niet openbaar, tenzij de planindiener, burgemeester en wethouders en de commissie geen bezwaar hebben tegen een openbaar vooroverleg. Van het vooroverleg wordt verslag gemaakt, dat met de besproken bescheiden wordt opgenomen in het dossier. De commissie dan wel de namens haar gemandateerde leden geven aan in welke fase het plan werd beoordeeld en op basis van welke criteria de aanvraag voor een omgevingsvergunning uiteindelijk zal worden beoordeeld, door de (plenaire) commissie dan wel door een namens haar gemandateerd lid.

Rechtspraak bij dit artikel