Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 11

Ontheffing van de inburgeringsplicht

Onderdeel van Verordening Wet Inburgering Schiermonnikoog 2010 e.v.

Het college kan op aanvraag een inburgeringsplichtige, op grond van artikel 6 en artikel 31, tweede lid onder c, van de wet in de volgende gevallen ontheffing verlenen van de vastgestelde inburgeringsplicht: vanwege medische gronden: op basis van aantoonbare psychische of lichamelijke belemmeringen of een verstandelijke handicap. Ontheffing op medische gronden ontslaat de inburgeringsplichtige van (verdere) deelname aan een verplichte inburgeringsvoorziening en het inburgeringsexamen of een daarmee gelijkgesteld examen; vanwege onvermogen: op basis van een tekort aan leervaardigheden of leervermogen. Ontheffing vanwege onvermogen wordt eerst verleend na aantoonbaar geleverde inspanningen om aan de inburgeringsplicht te voldoen en niet eerder dan zes maanden voor het verstrijken van de voor de inburgeringsplichtige geldende inburgeringstermijn. Het college kan ook eerder op een aanvraag ontheffing verlenen, indien gelet op de door de inburgeringsplichtige aantoonbaar geleverde inspanningen om te voldoen aan de inburgeringsplicht, het vasthouden aan zes maanden termijn onbillijk zou zijn. Het college kan op aanvraag ontheffing verlenen aan inburgeringsplichtigen die naar hun oordeel al voldoende zijn ingeburgerd, bedoeld in artikel 5 van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel