Naar hoofdinhoud

Artikel 32

Uitvoering en mandatering

Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer Krimpen aan den IJssel 2011

Burgemeester en wethouders zijn belast met de uitvoering van het bepaalde in deze verordening. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het nemen, van de door burgemeester en wethouders te nemen besluiten in het kader van het leerlingenvervoer, voor zover het individuele aanspraken op een voorziening betreft: Volgens de Wet op het Primair Onderwijs, Wet op de expertisecentra en Wet op het Voortgezet Onderwijs; Volgens de Verordening Leerlingenvervoer Krimpen aan den IJssel 2011; Volgens de beleidsregels en uitvoeringsvoorschriften; te mandateren aan de directeur van de afdeling Samenleving, zulks onder nader door de burgemeester en wethouders te stellen regels met betrekking tot de verantwoording van de mandatering. Voorts zijn burgemeester en wethouders bevoegd ondermandaat te verlenen. De onder het tweede lid genomen mandaatregeling geldt niet voor: Het vaststellen van algemene richtlijnen; Het vaststellen van beleidsverslagen en beleidsplannen; Het nemen van besluiten op bezwaarschriften; Het instellen van beroep. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het nemen van beheersbesluiten inzake de verstrekking van individuele voorzieningen, evenals het nemen van besluiten met betrekking tot de inrichting van de administratieve organisatie, te mandateren aan de directeur van de afdeling Samenleving, zulks onder nader door burgemeester en wethouders te stellen regels met betrekking tot de verantwoording van de mandatering. Voorts zijn burgemeester en wethouders bevoegd ondermandaat te verlenen. De onder 2. en 4. genoemde regeling geldt evenzeer voor de uitvoering van de producten en processen, vermeld in het jaarlijks vast te stellen afdelingsplan Samenleving, voor zover zij geen betrekking hebben op de uitvoering van het leerlingenvervoer maar op andere wettelijke regelingen.

Rechtspraak bij dit artikel