1 De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven door middel van
parkeerapparatuur en moet worden betaald bij de aanvang van het parkeren. Indien de parkeerapparatuur is voorzien van een automatische slagboom moet de belasting worden betaald op het tijdstip waarop het parkeren eindigt. Van de verschuldigde belasting per tijdseenheid wordt op de parkeerapparatuur kennisgegeven. Het college van burgemeester en wethouders geeft omtrent een en ander nadere regels.
2 De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte en moet worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
Hoofdstuk
Artikel 6
Wijze van heffing en termijn van betaling
Onderdeel van Verordening parkeerbelastingen 2011