Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 2

- Verlaging van de bijstand

Onderdeel van AFSTEMMINGSVERORDENING WET WERK EN BIJSTAND 2011

1.. Als de belanghebbende naar het oordeel van het college tekortschietend besef van verantwoordelijkheid betoont voor de voorziening in het bestaan dan wel de uit de wet of artikel 30c , van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen voortvloeiende verplichtingen niet of onvoldoende nakomt, waaronder begrepen het zich jegens het college zeer ernstig misdragen, wordt overeenkomstig deze verordening een verlaging opgelegd. 2.. Bij het opleggen van een verlaging als bedoeld in het eerste lid, wordt deze verordening in acht genomen, met dien verstande dat een verlaging voor wat betreft de hoogte en de duur te allen tijde wordt afgestemd op de ernst van de gedraging, de mate waarin de belanghebbende de gedraging kan worden verweten en de omstandigheden waarin hij verkeert. 3.. Voor zover het betreft de verlening van algemene bijstand, bedoeld in hoofdstuk 3 van de wet aan personen van 65 jaar en ouder gelden bij het opleggen van een verlaging, in afwijking van deze Verordening, het Besluit SVB Beleidsregels WWB 2010 zoals vastgesteld bij besluit van 9 december 2010, dan wel het besluit dat op enig moment hiervoor in de plaats treedt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel