Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 8

Artikel 2:28

Exploitatievergunning horecabedrijf

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening

Het is verboden een horecabedrijf te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester. De burgemeester weigert de vergunning indien de vestiging of exploitatie van het horecabedrijf in strijd is met een geldend bestemmingsplan. In afwijking van artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren indien naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van het horecabedrijf of openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed. De burgemeester kan de vergunning weigeren indien de exploitant en/of de leidinggevende niet voldoet aan onderstaande eisen: hij/zij staat niet onder curatele en is niet ontzet uit de ouderlijke macht of de voogdij; hij/zij is niet in enig opzicht van slecht levensgedrag; en hij/zij heeft de leeftijd van eenentwintig jaar bereikt. Onverminder het gestelde van het bepaalde in lid 3 van dit artikel kan de burgemeester ede vergunning voor een terras geheel of gedeeltelijk weigeren: indien het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg dan wel gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan; indien dat gebruik een belemmering kan worden voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg, Bij de toepassing van de in het derde lid genoemde weigeringsgrond houdt de burgemeester rekening met het karakter van de straat en de wijk, waarin het horecabedrijf is gelegen of zal zijn gelegen, de aard van het horecabedrijf en de spanning, waaraan het woonmilieu ter plaatse reeds blootstaat of bloot zal komen te staan door de exploitatie. Het eerste lid geldt niet voor een horecabedrijf in een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voorzover de horeca een nevenactiviteit is van de winkelactiviteit; De exploitant van een horecabedrijf laat niet toe dat een handelaar of een voor hem handelend persoon in dat bedrijf enig voorwerp verwerft, verkoopt of op enig andere wijze overdraagt. 8. Voorts geldt het eerste lid niet voor: een horecabedrijf in zorginstellingen; een horecabedrijf in buurt- en clubhuizen waar geen alcoholhoudende dranken wordt geschonken. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing op de vergunning als genoemd in lid 1, om dringende redenen van algemeen belang, zoals de openbare orde.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel