**1..** Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g., onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 25, onder a. en b. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien aantoonbare beperkingen, inclusief chronisch psychische of psychosociale problemen incidenteel of dagelijks zittend verplaatsen in en om de woning noodzakelijk maken en hulpmiddelen die verstrekt worden op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten of een andere wettelijke regeling geen adequate oplossing bieden.
**2..** Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g., onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 25, onder c. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien aantoonbare beperkingen, inclusief chronisch psychische of psychosociale problemen het sporten zonder sportrolstoel onmogelijk maken.
Hoofdstuk 6.
Artikel 25.
Incidenteel en dagelijks rolstoelgebruik en sportrolstoel.
Onderdeel van Verordening Voorzieningen Maatschappelijke Ondersteuning 2010