Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 10

De voorziening in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget

Onderdeel van Verordening inburgering 2010

Het college behandelt het verzoek van de inburgeringsplichtige of vrijwillige inburgeraar om in aanmerking te komen voor een voorziening in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget op de volgende wijze. de inburgeringsplichtige of vrijwillige inburgeraar dient voorafgaande aan de voorziening een schriftelijk gemotiveerd verzoek tot een persoonlijk inburgeringsbudget in. de gemeente begeleidt de betreffende inburgeraar actief met de samenstelling van de voorziening, met het doel dat de inburgeringsvoorziening moet leiden tot een succesvol afgelegd inburgeringexamen of een van de inburgeringsplicht vrijstellend examen; de doorlooptijd is gesteld binnen de gestelde inburgeringstermijn. Het college keurt het voorstel van de inburgeringsplichtige of vrijwillige inburgeraar voor het volgen van een (duaal) inburgeringprogramma goed, indien: het voorgestelde traject naar het oordeel van het college passend is om hem of haar voor te bereiden op en toe te leiden naar het inburgeringsexamen of staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II; en de kosten voor dit traject niet hoger zijn dan € 6.000,-; de inburgeringsplichtige of vrijwillige inburgeraar niet al deelneemt aan een ander gemeentelijk inburgeringstraject en; het voorgestelde traject wordt verzorgd door een inburgeringsbedrijf dat voldoet aan de volgende vereisten: de aanbieder heeft aantoonbare ervaring op het gebied van het verzorgen van inburgeringsvoorzieningen; de aanbieder van de voorziening moet zijn ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Het college keurt het voorstel van de inburgeraar voor het volgen van een taalkennisvoorziening goed, indien deze taalkennisvoorziening: het oordeel van het college passend is om hem of haar de kennis van de Nederlandse taal te laten verwerven die noodzakelijk is voor het kunnen afronden van een Mbo-opleiding op niveau 1 of 2; en verzorgd door een erkend taalinstituut dat ingeschreven staat bij de Kamer van Koophandel. Als het college de voorziening in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget heeft vastgesteld, dan sluiten de inburgeringsplichtige en het college een overeenkomst met het inburgeringsbedrijf. Als het college de overeenkomst met de vrijwillige inburgeraar, bedoeld in artikel 24d, tweede lid van de wet, waarin de voorziening in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget is opgenomen, heeft gesloten, dan sluiten de vrijwillige inburgeraar en het college een overeenkomst met het inburgeringsbedrijf.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel