a. De zittingsduur van de leden van de commissie, die door de raad zijn aangewezen, is gelijk aan die van de leden van de raad.
b. De zittingsduur van de overige leden van de commissie wordt vastgesteld door de benoemde instanties.
Het lidmaatschap eindigt voorts door:
nemen van tussentijds ontslag;- overlijden;
verlies van de hoedanigheid op grond waarvan de aanwijzing plaatsvond;
een schriftelijke verklaring van de benoemende instantie, die het lid in de onderscheiden commissies heeft aangewezen, dat het lid niet meer geacht kan wordennamens de instantie lid van de betreffende commissies te zijn.
In ontstane vacatures moet binnen drie maanden worden voorzien door de betreffende instantie. Hij, die tussentijdstot lid van de onderscheiden commissies is aangewezen, treedt af op het tijdstip, waarop diegene, in wiens plaats hij is aangewezen, overeenkomstig het bepaalde inlid 1 had moeten aftreden, dan wel op het tijdstip als bedoeld in lid 2.