**1..** Het weduwen- en wezenpensioen vervalt met ingang van de eerste dag van het kwartaal, volgende op dat, waarin de rechthebbende overlijdt.
**2..** Het wezenpensioen vervalt bovendien met ingang van de eerste dag van het kwartaal, volgende op dat, waarin de rechthebbende meederjarig is geworden.
**3..** Het weduwenpensioen vervalt voorts bij een volgend huwelijk en wel met ingang van de eerste dag van het kwartaal, volgende op dat, waarin het huwelijk is voltrokken. Wordt dit huwelijk, anders dan door opvolgend huwelijk met rechterlijk verlof, ontbonden, dan wordt aan de vrouw op haar schriftelijke aanvrage met ingang van de dag, volgende op die van de ontbinding van het huwelijk, haar oude pensioen weder toegekend, tenzij haar ter zake van het latere huwelijk eveneens een pensioen zou worden toegekend, hetzij krachtens of op de voet van de Wet van 1 augustus 1956 (Stb. 455) hetzij krachtens de Wet van 31 juli 1957 (Stb. 324).