Naar het oordeel van de gemeente Kerkrade is er geen sprake van
arbeidsmarktperspectief indien de in artikel 36, lid 1 onder b bedoelde
inkomsten uit of in verband met arbeid
in de periode van zestig maanden
per periode van 12 maanden
het bedrag zoals genoemd in artikel 31 lid 2 onder k WWB jo. artikel 7
onder h Regeling WWB (de vrij te laten onkostenvergoeding voor
vrijwilligerswerk zonder dat er sprake is van een voorziening gericht op
arbeidsinschakeling) zoals dat geldt per 1 januari van het jaar waarop
de aanvraag langdurigheidstoeslag betrekking heeft niet overstijgt en
wordt de langdurigheidstoeslag indien aan de overige voorwaarden is
voldaan, toegekend.
Het definiëren van de ‘zeer geringe duur’ is niet noodzakelijk. Indien
in een periode van zestig maanden per 12 maanden slechts het
refertebedrag is verdiend, is de duur van de periode waarin de inkomsten
zijn ontvangen relatief gezien altijd ‘zeer gering’.