Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 3

Instandhoudingbepaling

Onderdeel van Archeologieverordening Gemeente Geldrop-Mierlo 2009

1.. Het is verboden om zonder of in afwijking van een vergunning het archeologische bodemarchief in een archeologisch verwachtingsgebied te verstoren, te beschadigen of te vernielen. 2.. Het verbod in lid 1 is niet van toepassing: bij bodemingrepen dieper dan 30 cm onder maaiveld (en 50 cm bij die gronden die al jarenlang in gebruik zijn als agrarische gronden) met een omvang van minder dan 100 m2 in gebieden of terreinen van archeologische waarde (categorie 2); bij bodemingrepen dieper dan 30 cm onder maaiveld (en 50 cm bij esdekken en bij die gronden die al jarenlang in gebruik zijn als agrarische gronden) met een omvang van minder dan 500 m2 in gebieden of terreinen met een hoge archeologische verwachting (categorie 3a en b); bij bodemingrepen dieper dan 30 cm onder maaiveld (en 50 cm bij esdekken en bij die gronden die al jarenlang in gebruik zijn als agrarische gronden) met een omvang van minder dan 2500 m2 in gebieden of terreinen met een middelhoge archeologische verwachting (categorie 4a en b); bij bodemingrepen met een omvang van minder dan 10.000 m2 in gebieden of terreinen met een lage archeologische verwachting (categorie 5). 3.. Het verbod in lid 1 is ook niet van toepassing indien: in het geldende bestemmingsplan bepalingen zijn opgenomen omtrent archeologische monumentenzorg die in overeenstemming zijn met het vastgestelde beleid; In een omgevingsvergunning voor afwijkend planologisch gebruik als bedoeld in de artikelen 2.1 lid 1 onder c juncto artikel 2.12 Wabo voorschriften zijn opgenomen omtrent archeologische monumentenzorg.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel