Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Verblijfsruimten voor kinderen

Onderdeel van Nadere regels kindercentra

Elke groep heeft een afzonderlijke vaste verblijfsruimte. In de verblijfsruimten moet daglicht kunnen toetreden door middel van één of meer vensters in tenminste één buitenwand. Bij voorkeur bevindt ten minste één venster zich op een dusdanige hoogte dat peuters naar buiten kunnen kijken. De verblijfsruimten zijn aan de zonzijde voorzien van zonwering. Het verlichtingsniveau in de verblijfsruimten dat door middel van kunstlicht worden bereikt, bedraagt minimaal 150 lux. In de verblijfsruimten is voldoende bergruimte aanwezig voor het opbergen van speelgoed en eventuele andere materialen. In de verblijfsruimten is een op het aantal kinderen afgestemd aantal tafels en stoelen aanwezig, waarvan de afmetingen zijn afgestemd op de grootte van de kinderen. In de verblijfsruimten is een op het aantal volwassenen afgestemd aantal tafels en stoelen aanwezig.

Rechtspraak bij dit artikel