Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 16.

Kinderopvang

Onderdeel van Reïntegratieverordening 2007

1.. Het college bevordert de beschikbaarheid van voorzieningen voor de opvang van kinderen jonger dan 12 jaar voor personen zoals bedoeld in artikel 1 sub i van deze verordening, voor zover die opvang noodzakelijk is voor deelname aan een voorziening. 2.. Indien het aanvaarden van regulier werk door het ontbreken van kinderopvang belemmerd wordt, kan aan een alleenstaande ouder als bedoeld in artikel 4 sub b van de wet, voor een periode van maximaal 6 maanden na beëindiging van de uitkering in het kader van de wet, de voorziening als bedoeld in lid 1 worden gecontinueerd voor zover: de werkgever van belanghebbende geen kinderopvangregeling kent; belanghebbende vooralsnog niet in aanmerking komt voor een gesubsidieerde kindplaats; er geen mogelijkheden zijn om kinderen op te laten vangen door familie en/of kennissen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel