**1..** Het college bevordert de beschikbaarheid van voorzieningen voor de opvang van kinderen jonger dan 12 jaar voor personen zoals bedoeld in artikel 1 sub i van deze verordening, voor zover die opvang noodzakelijk is voor deelname aan een voorziening.
**2..** Indien het aanvaarden van regulier werk door het ontbreken van kinderopvang belemmerd wordt, kan aan een alleenstaande ouder als bedoeld in artikel 4 sub b van de wet, voor een periode van maximaal 6 maanden na beëindiging van de uitkering in het kader van de wet, de voorziening als bedoeld in lid 1 worden gecontinueerd voor zover:
de werkgever van belanghebbende geen kinderopvangregeling kent;
belanghebbende vooralsnog niet in aanmerking komt voor een gesubsidieerde kindplaats;
er geen mogelijkheden zijn om kinderen op te laten vangen door familie en/of kennissen.