Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.1

Vigerende wetgeving

Onderdeel van Beleidsnota Antenne-installaties/UMTS

Op grond van artikel 3.23 van de WRO kan ontheffing verleend worden van het bestemmingsplan voor antenne-installaties in de bebouwde kom waarvan de hoogte (eventueel inclusief antennedrager) minder dan 40 meter is. Voor het buitengebied kan alleen medewerking worden verleend middels een projectbesluit op grond van artikel 3.10 WRO. De vergunningplicht blijft op grond van de Woningwet gehandhaafd voor antenne-installaties hoger dan 5 meter. Antenne-installaties tot en met 5 meter hoog zijn vergunningvrij mits,  Ze niet worden geplaatst op of aan een monument of in een beschermd stads- of dorpsgezicht;  Ze visueel inpasbaar zijn;  Ze voldoen aan de welstandeisen geformuleerd in het (toekomstige) gemeentelijk welstandbeleid (loketcriteria).  De operator een dekkingsplan overlegt aan de gemeente en vervolgens op grond daarvan een plaatsingsplan bespreekt met de gemeente.  De noodzaak van het plaatsen van vergunningvrije antennes op woonlocaties aangetoond wordt door een dekkingsplan. Aangezien antenne-installaties tot en met 5 meter hoog vergunningvrij worden kunnen we behoudens de zogenaamde loketcriteria na het in werking treden van de woningwet geen nadere voorwaarden stellen aan de plaatsing ervan. Antenne-installaties hoger dan 5 meter blijven vergunningplichtig.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel