Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 13

Vergunningvoorschriften

Onderdeel van Beleidsregels ventvergunningen gemeente Overbetuwe

De volgende voorschriften worden ten minste door het college in de verleende vergunning opgenomen: Het is niet toegestaan een standplaats in te nemen. Het is niet toegestaan aaneengesloten op één plaats stil te staan, wanneer zich geen klanten bij de venter bevinden. Er dient voortdurend van plaats veranderd te worden. Alle aanwijzingen gegeven door of vanwege de politie, brandweer, hulpdiensten of gemeentelijk toezichthouders dienen stipt en onmiddellijk te worden opgevolgd. Van de vergunningen mogen gebruik maken de vergunninghouder, diens huisgenoten van 16 jaar of ouder en de werknemers van de vergunninghouder. De vergunninghouder vrijwaart de gemeente van alle vorderingen die derden mochten doen gelden tot vergoeding van schade. Alle werken of eigendommen van de gemeente die mochten worden beschadigd, moeten door en op kosten van de vergunninghouder worden hersteld. Indien de vergunninghouder hierin in gebreke blijft zal een en ander geschieden door de gemeente op koste van de vergunninghouder. Het is verboden te venten op de locaties als bedoeld in artikel 12 van het gemeentelijk ventbeleid. De vergunninghouder is bij gebruik van de vergunning verplicht een afschrift van de vergunning bij zich te hebben en deze op aanvraag te tonen. Het gemeentelijk ventbeleid zoals op <datum> in werking is getreden dient stipt te worden nageleefd. Deze beleidsregels zijn, indien niet eerder aan u verstrekt, als bijlage bij deze vergunning toegevoegd en worden geacht in deze vergunning te zijn aangehaald. De wettelijke voorschriften uit de Grondwet, de Gemeentewet, de Wet Milieubeheer, de Wet op de Ruimtelijke Ordening, de Colportagewet, de Vestigingswet bedrijven, de Warenwet en de Winkeltijdenwet, voor zover van toepassing bij het gebruik van deze vergunning, dienen stipt te worden nageleefd.

Rechtspraak bij dit artikel