a) iedere woning en/of huisperceel heeft (behoudens privaatrechtelijke rechten van derden)het recht op één goede en adequate ontsluiting op de openbare weg van een maximalebreedte van vier meter, tenzij deze uitweg wordt gecombineerd met die van hetnaastgelegen perceel dan wordt de maximale breedte voor beide percelen gezamenlijkzeven meter (genoemde maten zijn gemeten aan de zijde van de openbare weg);b) ieder bedrijf en/of bedrijfsperceel op een bedrijventerrein heeft (behoudensprivaatrechtelijke rechten van derden) het recht op één goede en adequate ontsluiting opde openbare weg van een maximale breedte van zes meter, en in bijzondereomstandigheden en voor zover het perceel dit toelaat een maximale breedte van achtmeter;
c) alleen ingeval van bijzondere en zwaarwegende omstandigheden, afhankelijk vanpersoonlijke omstandigheden (bijv. handicap) danwel zakelijke omstandigheden (bijv.extra ontsluiting t.b.v. bedrijfsgedeelte), mede gelet op de aard en de ligging van dewoning, het bedrijf en/of het perceel en na een grondige afweging van individuele enalgemene belangen, zulks in relatie tot het formele toetsingskader, neergelegd in artikel2:12 van de A.P.V.-Oldambt, bestaat de mogelijkheid op een eventuele 2e uitweg temaken.d) In bijzondere gevallen kan ten gunste van de belanghebbende worden afgeweken vandeze nadere regels, indien toepassing daarvan tot onbillijkheden van overwegende aardkan leiden.