**1..** Elk bestuursorgaan kan ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden besluiten of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid.
**2..** Inspraak wordt altijd verleend indien de wet daartoe verplicht.
**3..** In elk geval wordt inspraak verleend op beleidsvoornemens betreffende de voorbereiding van een gemeentelijke structuurvisie en een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 2.1. respectievelijk artikel 3.1. van de Wet ruimtelijke ordening.
**4..** Geen inspraak wordt verleend:
ten aanzien van ondergeschikte herzieningen van een eerder vastgesteld beleidsvoornemen;
indien inspraak bij of krachtens wettelijk voorschrift is uitgesloten;
indien sprake is van uitvoering van hogere regelgeving waarbij het bestuursorgaan geen of nauwelijks beleidsvrijheid heeft;
inzake de begroting, de tarieven voor gemeentelijke dienstverlening en belastingen bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet;
indien de uitvoering van een beleidsvoornemen dermate spoedeisend is dat inspraak niet kan worden afgewacht;
indien het belang van inspraak niet opweegt tegen het belang van de verantwoordelijkheid van de gemeente voor kwetsbare groepen in de samenleving.
ten aanzien van een bestemmingsplan dat ingevolge artikel 3.13 van de Wet ruimtelijke ordening uitsluitend dient ter inpassing van een onherroepelijk projectbesluit als bedoeld in artikel 3.10 van de Wet ruimtelijke ordening.