Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 6:4:1:1

Buitengewoon verlof bij overlijden

Onderdeel van CAR/UWO

Het college verleent aan de ambtenaar buitengewoon verlof met behoud van het genot van bezoldiging bij overlijden van echtgenoot of geregistreerd partner, ouders, pleegouders, stiefouders, schoonouders, kinderen, pleegkinderen, stief- en aangehuwde kinderen: vier werkdagen; van bloed- en aanverwanten in de tweede graad: twee werkdagen tenzij de ambtenaar is belast met de regeling der begrafenis of (en) nalatenschap, in welk geval verlof voor ten hoogste vier werkdagen wordt verleend. Dit verlof dient binnen een periode van zeven kalenderdagen te worden opgenomen.

Rechtspraak bij dit artikel