Aanvullend op het vermelde in artikel 3:2:1,
eerste lid, kan het in dit lid genoemde verlof ook worden vergoed als
een bedrag, berekend naar 100% van het uurloon van de ambtenaar.
Aanvullend op het vermelde in artikel 3:2:1,
eerste lid, kan het in dit lid genoemde bedrag ook worden vergoed als
verlof, berekend naar het uurloon van de ambtenaar volgens de in artikel
3:2:1, vijfde lid, genoemde percentages.
De keuze uit de drie mogelijkheden voor vergoeding, zoals vastgelegd in
artikel 3:2:1, eerste lid, en het eerste en
tweede lid van dit artikel, is in eerste instantie aan de ambtenaar. De
keuze wordt echter uiteindelijk bepaald door de leidinggevende.
Voor 1 november kan worden verzocht om verlofuren die het gevolg zijn van
de vergoeding voor overwerk dat zal worden verricht in het daarop volgende
kalenderjaar om te zetten in vakantie als bedoeld in artikel
6:2, eerste lid.
Het aantal verlofuren uit de vorige volzin en het aantal vakantie-uren,
als bedoeld in artikel 6:2, tweede
lid, tezamen mag maximaal 50,4 uur bedragen. Voor de ambtenaar die is
aangesteld voor een arbeidsduur van minder dan 36 uur per week geldt een
naar evenredigheid lager aantal uren als maximum.