Naar hoofdinhoud

Artikel 9.

Meerjarenprogramma Grondbedrijf

Onderdeel van Beheersverordening Grondbedrijf 2011

9.1. Het meerjarenprogramma grondbedrijf heeft tot doel de resultaten van de verschillende grondexploitaties te verevenen (vereveningscomplex). 9.2. Binnen het MPG worden de volgende aspecten geadministreerd: de boekwaarde van het MPG; de (verwachte) positieve of negatieve saldi van exploitaties in voorbereiding en in uitvoering; de (verwachte) afdrachten voor bovenwijkse voorzieningen vanuit lopende gemeentelijke grondexploitaties; overige uitgaven (claims) en opbrengsten die rechtstreeks ten laste respectievelijk ten gunste van het MPG worden gebracht; uitgaven voor bovenwijkse voorzieningen; algemene kosten Grondbedrijf; voorzieningen voor lopende en toekomstige complexen die een geprognosticeerd tekort laten zien; rentebijdragen aan projecten in voorbereiding. 9.3. Om het benodigd weerstandsvermogen te bepalen wordt een risico-inschatting gemaakt op basis van het per project geïnvesteerd vermogen. Voor de algemene risico’s wordt een percentage van 10% gehanteerd. De exploitatierisico’s variëren per project, van 0% tot 25%, en zijn onder meer afhankelijk van de voortgang van het project en de aanwezige zekerheden: 5% (laag risico), het project bevindt zich in een aflopende fase of de afzetrisico’s zijn beperkt door afspraken met ontwikkelaars 15% (gemiddeld risico), het project bevindt zich in de uitvoerende; er wordt een beperkt afzetrisico gelopen 25% (verhoogd), het project bevindt zich in de beginfase; er wordt een afzetrisico gelopen / er vinden nog onderhandelingen plaats met projectontwikkelaars. 9.4. Het MPG wordt opgesteld als een exploitatieberekening waarbij de systematiek van de eindwaardeberekening wordt gehanteerd. Het resultaat wordt weergegeven als contante waarde. 9.5. Naast de formele herziening in het kader van de jaarrekening wordt minimaal één keer per jaar het MPG ambtshalve herzien ten behoeve van de begroting.

Rechtspraak bij dit artikel