**1..** Het is verboden om in een archeologisch monument, bedoeld in artikel
1, onder a, sub 2 of een archeologisch verwachtingsgebied, bedoeld
in artikel 1, onder f, de bodem dieper dan 30 cm onder de
oppervlakte te verstoren.
**2..** Het verbod in lid 1 is niet van toepassing indien;
het een verstoring betreft van een archeologisch monument of
archeologisch verwachtingsgebied als aangegeven op de
gemeentelijke archeologische waardenkaart en waarbij die
verstoring plaatsvindt:
in een gebied met lage archeologische
verwachtingswaarde en het te verstoren gebied
kleiner is dan 2500 m2, of;
in een gebied met een middelhoge archeologische
verwachtingswaarde en het te verstoren gebied
kleiner is dan 500 m2, of;
in een gebied met hoge archeologische
verwachtingswaarde en het te verstoren gebied
kleiner is dan 200 m2.
in het geldend bestemmingsplan bepalingen zijn opgenomen
omtrent archeologische monumentenzorg.
sprake is van een activiteit als bedoeld in artikel 2.12,
eerste en tweede lid, van de Wet algemene bepalingen
omgevingsrecht en hierin voorschriften zijn opgenomen
omtrent archeologische monumentenzorg.
het college nadere regels stelt met betrekking tot de
uitvoering van werkzaamheden die leiden tot een verstoring
van een archeologisch monument of archeologisch
verwachtingsgebied als aangegeven op gemeentelijke
archeologische waardenkaart;
een rapport is overgelegd waarin de archeologische waarde
van het te verstoren terrein naar het oordeel van het
bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld en waaruit
blijkt dat:
het behoud van de archeologische waarden in
voldoende mate kan worden geborgd; of
de archeologische waarden door de verstoring niet
onevenredig worden geschaad; of
in het geheel geen archeologische waarden aanwezig
zijn.
Hoofdstuk 5.
Artikel 16.
Instandhoudingbepaling
Onderdeel van Erfgoedverordening 2011 gemeente Heumen