Naar hoofdinhoud

Artikel 21.

Kostprijsberekening

Onderdeel van Financiële verordening

Artikel 212 Gemeentewet bepaalt in het tweede lid, letter b dat de verordening in ieder geval de grondslagen voor de berekening van de door het gemeentebestuur in rekening te brengen prijzen en tarieven voor rechten bevat. De grondslag voor de prijzen en tarieven vormt de samenstelling van de kostprijs van de diensten waarvoor prijzen en heffingen in rekening worden gebracht. In dit artikel staan de kaders voor de bepaling van de kostprijzen van de gemeentelijke diensten. Het tweede lid bepaalt dat onder de (indirecte) kosten ook worden verstaan bijdragen aan voorzieningen voor noodzakelijke vervanging van betrokken activa en de compensabele btw. Hiermee wordt invulling gegeven aan de mogelijkheid die artikel 229b Gemeentewet biedt. De kaders in het artikel vormen de basis waarbinnen het college zijn systematiek van kostentoerekening kan vormgeven en de kostenverdeelsleutels voor de toerekening van indirecte kosten kan vaststellen. De kostentoerekening dient minimaal elke bestuursperiode geactualiseerd te worden en in elk geval bij grote organisatorische wijzigingen of bij grote wijzigingen in het producten/dienstenbestand (bijv. bij uitbreiding gemeentelijk takenpakket).

Rechtspraak bij dit artikel