**1..** Een aanbieder is verplicht om bij de aanleg van kabels en leidingen in openbare gronden zoveel mogelijk (mede) gebruik te maken van bestaande, hetzij door andere aanbieders dan wel door of in opdracht van het college aangelegde voorzieningen.
**2..** Het vooroverleg als bedoeld in artikel 15, tweede lid dan wel een door het college georganiseerd overleg naar aanleiding van een aanvraag als bedoeld in artikel 15, eerste lid is er mede op gericht te bepalen of en zo ja langs welke delen van het tracé gebruik kan worden gemaakt van bestaande voorzieningen als bedoeld in het eerste lid.
**3..** Indien de aanbieder een redelijk aanbod wordt gedaan om gebruik te maken van vooraangelegde voorzieningen, zoals mantelbuizen, kabelgoten, of kabel- en leidingentunnels, is de aanbieder verplicht om voor de aanleg of uitbreiding van zijn netwerk van deze voorzieningen gebruik te maken.
**4..** Indien de openbare gronden geen ruimte bieden voor de aanleg van nieuwe kabels, dient de aanbieder een alternatief tracé te kiezen, of aan andere aanbieders een billijk verzoek tot medegebruik van kabels te doen op grond van artikel 5.12 van de wet.
Hoofdstuk 6
Artikel 20
(Mede)gebruik van voorzieningen en vooroverleg
Onderdeel van Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren