**1..** Naast de algemene intrekkings- en wijzigingsgronden kan een instemmingsbesluit of een vergunning worden ingetrokken of gewijzigd, indien:
**a..** ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt;
**b..** op grond van onvoorziene externe omstandigheden die optreden na het verlenen van het instemmingsbesluit of de vergunning, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging
**c..** wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming waarvan het instemmingsbesluit of de vergunning is vereist;
**d..** de aan het instemmingsbesluit of de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen;
**e..** van het instemmingsbesluit of de vergunning geen gebruik wordt gemaakt binnen de in artikel 19, vijfde lid gestelde termijn;
**f..** de houder of zijn rechtverkrijgende dit verzoekt.
**2..** Het college zal pas tot intrekken of wijzigen van het instemmingsbesluit of de vergunning overgaan dan nadat het college de aanbieder de mogelijkheid is geboden het gebrek te herstellen.
**3..** Een instemmingsbesluit en een vergunning kan in elk geval worden ingetrokken of gewijzigd als het nodig is de boven- of ondergrondse infrastructurele voorzieningen van het energie- of waterbedrijf te verleggen of te verwijderen in verband met:
**a..** het bouwrijp maken van een gedeelte van de openbare ruimte;
**b..** het reconstrueren van een weg;
**c..** het realiseren van een ander gemeentelijke werk;
**d..** het anderszins wijzigen van de bestemming van openbare gronden waarbij het aanwezig blijven van ondergrondse infrastructurele voorzieningen een belemmering vormen.
Hoofdstuk 6
Artikel 23
Intrekking of wijziging
Onderdeel van Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren