Het college kan bij de verlening van budgetsubsidies vooraf
bepalen of de subsidieontvanger een egalisatiereserve mag of
juist moet vormen en welke omvang deze mag of moet hebben;
Het college kan bij de subsidieverlening bepalen welk bedrag de
subsidieontvanger jaarlijks maximaal mag toevoegen aan een
egalisatiereserve;
De egalisatiereserve is aan het eind van het kalenderjaar niet
groter dan 10% van de totaal verleende subsidie voor dat
jaar;
Het college kan de subsidieontvanger schriftelijk toestemming
verlenen een grotere egalisatiereserve, dan bedoeld in het derde
lid van dit artikel, op te bouwen, indien de subsidieontvanger
naar het oordeel van het college te maken heeft met buitengewone
bedrijfsrisico’s;
Als de egalisatiereserve hoger is dan het bepaalde in het derde
en vierde lid van dit artikel, dan kan het college het bedrag
waarmee de norm overschreden wordt, in mindering brengen op de
vast te stellen subsidie voor de in het tweede lid bedoelde
subsidieperiode of terugvorderen;
Voor het vormen van een bestemmingsreserve of voorziening is
toestemming van het college vereist met als voorwaarde dat deze
bestemmingsreserve of voorziening uitsluitend mag worden gevormd
voor kosten die verband houden met de doelstelling van de
subsidieontvanger.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.10
Reservevorming Budgetsubsidies
Onderdeel van Algemene subsidieverordening 2008