De houder zorgt er voor dat:
aan de door het gemeentebestuur gestelde veiligheidseisen wordt voldaan;
de deuren van alle vertrekken voor bewoners in het bejaardenoord zijn voorzien van een serieslot en dat geen grendels worden aangebracht;
gangen aan beide zijden voorzien zijn van leuningen;
toiletten, badkamers, doucheruimten en, voor zover nodig, overige vertrekken voorzien zijn van leuningen of andere steunpunten;
de drempels glooiend zijn;
glaspanelen in binnen- en toegangspuien op ooghoogte zijn voorzien van een goed zichtbare aanduiding;
het openen of sluiten van de ramen zodanig kan geschieden, dat geen gevaar voor de bewoners optreedt;
zowel op de gangen als de ziekenkamers nachtverlichting aanwezig is;
het bejaardenoord centraal wordt verwarmd;
zich geen brandgevaarlijke stoffen en apparaten bevinden in de wooneenheden van de bewoners;
algemeen toegankelijke ruimten waar onvoldoende daglicht binnentreedt ook overdag zijn verlicht;
een goede berging met afsluiting aanwezig is voor het bewaren van stoffen, die de gezondheid kunnen schaden.
HOOFDSTUK VII
Artikel 48