**1..** In deze verordening wordt verstaan onder:
de regeling: de regeling geldelijke steun voorzieningen aan huurwoningen 1987 van de staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (MG 86-32, laatstelijk uitgewerkt in MG 90-31);
de minister: de minster van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;
de hoofdingenieur-directeur: de hoofdingenieur-directeur van de Volkshuisvesting in de provincie Zuid-Holland;
voorzieningen: maatregelen in de kosten waarvan bijdragen ineens op voet van deze verordening ter beschikking kunnen worden gesteld, welke maatregelen worden onderscheiden in:
de maatregelen, strekkende tot verbetering van de indeling of het woongerief van een woning;
de maatregelen, strekkende tot het opheffen of voorkomen van technische gebreken aan een woning;
de bouwkundige splitsing van een woning in twee of meer woningen, indien die splitsing tegelijk geschiedt met maatregelen als bedoeld onder 1 of 2;
de bouwkundige samenvoeging van een aantal woningen tot één of meer woningen, indien de samenvoeging tegelijk geschiedt met maatregelen als bedoeld onder 1 of 2;
energiebesparende maatregelen: voorzieningen als bedoeld in onderdeel d onder 1, bestaande uit:
het aanleggen van een installatie voor centrale verwarming, voorzover het rendement van die installatie hoger is dan dat van een daarmee vergelijkbare conventionele installatie voor centrale verwarming, of;
maatregelen met betrekking tot de thermische isolatie van de woningschil of de leidingen van de installatie voor centrale verwarming, dan wel tot de regelbaarheid, of de meetbaarheid van het energieverbruik, die ten doel hebben het brandstofverbruik te beperken;
kosten van de voorzieningen: de kosten die worden gemaakt ter zake van:
de aanneemsom voor het verrichten van de werkzaamheden;
de risicoverrekening van loon- en materiaalprijsstijgingen met inachtneming van het bepaalde in de risicoregeling woningbouw 1964;
het architectenhonorarium, indien en voor zover dit niet hoger is dan het maximale honorarium, als bepaald in de SR 1988 van de Bond van Nederlandse Architecten;
het toezicht op de uitvoering;
de aansluiting op de nutsvoorzieningen;
de leges voor de bouwvergunning c.q. mededeling als bedoeld in artikel 14, eerste lid, onder a. van de bouwverordening of de precariorechten;
de verschuldigde en niet verrekenbare omzetbelasting;
huurderving voor zover deze verband houdt met het treffen van de voorzieningen;
renteverlies voor zover dit verband houdt met het treffen van de voorzieningen;
technisch onderzoek aan de woning;
adviezen van deskundigen op het gebied van constructie of op installatietechnisch- of bouwfysisch gebied;
de administratie ten behoeve van de voorbereiding en de uitvoering van de werkzaamheden;
een vergoeding voor door de verhuurder verstrekte tegemoetkomingen voor door de huurder met toestemming van de verhuurder aangebrachte voorzieningen voor zover deze gehandhaafd kunnen blijven en één of meer van de te treffen voorzieningen overbodig te maken;
een reservering voor kostenverhogingen, goedgekeurd door burgemeester en wethouders, die ten tijde van de raming van de onder 1 t/m 13 genoemde kosten van de voorzieningen redelijkerwijs niet voorzienbaar waren;
de kosten van het garantiecertificaat van het Garantie Instituut Woningbouw;
groot onderhoud:van groot onderhoud is in ieder geval sprake wanneer de door de gemeente goedgekeurde voorzieningen uitsluitend bestaan uit één of meer van de volgende werkzaamheden:
herstel van fundering;
herstel of vervanging van wanden, gevels, buitenkozijnen, buitenramen en buitendeuren;
opheffing van optrekkend en/of doorslaand vocht en van overmatig condensvocht, voor zover dit condensvocht wordt veroorzaakt door de bouwkundige constructie;
herstel of vervanging van dakconstructie, dakbede-king, goten en hemelwaterafvoer;
herstel dan wel vervanging van vloerconstructies, trappen, balkons en galerijen, inclusief de afwerklagen en hekwerken;
herstel of vervanging van rook- of ventilatiekanalen binnen en buitendaks;
herstel of vervanging van de binnenhuisriolering tot de aansluiting op het gemeenteriool, alsmede van sanitair en keukenblok, inclusief de aansluiting hiervan op de riolering;
herstel of vervanging van gas- en waterleiding, waar-onder mede begrepen het vervangen van loden drink-waterleidingen, inclusief vervanging van kranen volgens de aanwijzingen van het NV Duinwaterbetrijf Zuid-Holland;
herstel of vervanging van de electrische installatie in de bestaande omvang;
ingrijpende woningverbetering: van ingrijpende woningverbetering is sprake wanneer het gaat om voorzieningen waardoor het woongerief geacht wordt te zijn gestegen al dan niet samengaand met het opheffen van technische gebreken en de door de gemeente goedgekeurde geraamde kosten gelijk zijn of hoger dan 20% van de bouwkosten van vergelijkbare nieuwe woningen;
niet-ingrijpende woningverbetering: van niet-ingrijpende woningverbetering is sprake wanneer het gaat om voorzieningen waardoor het woongerief geacht wordt te zijn gestegen, al dan niet samengaand met het opheffen van technische gebreken en de door de gemeente goedgekeurde geraamde kosten minder bedragen van 20% van de bouwkosten van vergelijkbare nieuwe woningen;
kosten van vergelijkbare nieuwbouw: de bouwkosten van, met de woning waaraan de voorzieningen worden getroffen naar het oordeel van de minster vergelijkbare, nieuwe woningen;
streefsubsidie: de bijdrage in de kosten van de voorzieningen die in een kalenderjaar gemiddeld per woning kan worden verstrekt, zoals vastgesteld in het besluit als bedoeld in artikel 7.;
streefaantal: het aantal woningen in een bepaalde categorie, waaraan in een kalenderjaar voorzieningen kunnen worden getroffen, zoals vastgesteld in het besluit als bedoeld in artikel 7.;
budget: het bedrag van bijdragen in het treffen van voorzieningen dat jaarlijks door de minister ten bate van de gemeente respectievelijk door de gemeenteraad wordt vastgesteld;
deelbudget: elk voor een bepaalde categorie woningen bestemd gedeelte van een budget, als bedoeld in artikel 7.;
flexibiliteit: de ruimte die de gemeente ingevolge de regeling heeft om bij het verlenen van geldelijke steun van streefsubsidie, streef-aantallen of deelbudgetten af te wijken;
huurprijs: de tot een bedrag per jaar herleide prijs welke bij huur en verhuur is verschuldigd voor het enkele gebruik van de woning;
plan: de opsomming van alle voorzieningen, zoals die op het door burgemeester en wethouders voorgeschreven formulier door de aanvrager zijn vermeld, vergezeld van alle voorgeschreven gegevens;
niet-winstbeogende instelling: instelling die werkzaam is op het gebied van de volkshuisvesting, waarvan de statuten zijn goedgekeurd en ingericht conform de voorwaarden en bepalingen neergelegd in de circulaire van 21 oktober 1982, MG 82-44;
complex: twintig of meer aaneengesloten woningen en/of bedrijfsruimten;
bijdrage: een bijdrage in de gevallen waarin de aanvaarde kosten minder dan 50% bedragen van de, naar het oordeel van de minister met de woning waaraan de voorzieningen worden getroffen, vergelijkbare kosten van nieuwbouw. In alle andere gevallen wordt onder bijdrage verstaan een jaarlijkse bijdrage als bedoeld in de onder a. van dit lid genoemde regeling;
eigenaar: de juridische eigenaar, met uitzondering van de in lid 2 van dit artikel genoemde gevallen.
**2..** In deze verordening wordt mede verstaan onder:
woning:
een woongebouw in de zin van de Woningwet;
een afzonderlijk gedeelte van een gebouw, welk gedeelte tot bewoning is bestemd;
een zich op het erf van een tot bewoning bestemd bevindend gebouw, dat bestemd is voor en dient als bergruimte, garages daaronder niet begrepen;
de eigenaar:
de erfpachter;
de houder van een appartementsrecht als bedoeld in artikel 875a van het Burgerlijk Wetboek;
degene aan wie een rechtspersoon deelnemings- of lidmaatschapsrechten heeft verleend, die recht geven op het gebruik van een woning;
de vruchtgebruiker.
HOOFDSTUK I
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Verordening geldelijke steun voorzieningen aan particuliere huurwoningen ’s-Gravenhage 1987.