**1..** Besluiten en vergunningen genomen c.q. verleend op grond van de bepalingen van de Algemene Politieverordening voor 's-Gravenhage 1902, hoofdstuk II en de Verordening op de Woonwagens en Woonschepen en de Verordening regelende het openen en doorvaren der beweegbare bruggen te 's-Gravenhage verliezen het rechtsgevolg, dat zij hadden op de datum waarop deze verordening van kracht wordt.
**2..** Onverminderd het bepaalde in artikel 4 zevende lid, zijn artikel 4, vierde en vijfde lid niet van toepassing op het verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 4, derde lid ten behoeve van een vaste ligplaats voor een woon- of bedrijfsschip indien voor 10 december 1991 (de datum waarop deze verordening van kracht is geworden) voor het innemen van die vaste ligplaats door dat schip en voor de afmetingen van dat schip op grond van de in het eerste lid genoemde regelingen schriftelijk toestemming was verleend.
**3..** Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op het verlenen van een vergunning voor het innemen van een vaste ligplaats voor een woon- of bedrijfsschip dat in de periode tussen 10 december 1991 (de datum waarop deze verordening van kracht is geworden) en het moment waarop dit derde lid van kracht is geworden met schriftelijke toestemming van burgemeester en wethouders naar die vaste ligplaats is verplaatst, als voor dat schip voor 10 december 1991 (de datum waarop deze verordening van kracht is geworden) voor het innemen van een vaste ligplaats door dat schip en voor de afmetingen van dat schip op grond van de in het eerste lid genoemde regelingen schriftelijk toestemming was verleend.
**4..** Het voorschrift dat is vastgelegd in artikel 4, vijfde lid, vierde gedachtestreepje is niet van toepassing op het verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 4, derde lid ten be-hoeve van een vaste ligplaats voor een woon- of bedrijfsschip, indien voor de datum waarop artikel 4, vijfde lid, vierde gedachtestreepje in werking is getreden voor het innemen van die vaste ligplaats voor dat schip een vergunning of ontheffing is afgegeven, en voor zover de in de aanvraag genoemde afmetingen niet afwijken van de afmetingen die in de laatstgenoemde vergunning of ontheffing zijn vast-gelegd.
Indien de afmetingen die in de aanvraag zijn genoemd afwijken van de afmetingen in de laatstgenoemde vergunning of ontheffing, kan niettemin op grond van de vorige volzin een vergunning worden verleend, indien en voor zover de aanvrager kan aantonen dat de afwijkende afmetingen bestonden voor de inwerkingtreding van artikel 4, vijfde lid, vierde gedachtestreepje.