Indien ten aanzien van enig organisatieonderdeel taken en bevoegdheden van burgemeester en wethouders zijn overgedragen aan een commissie als bedoeld in artikel 84 van de Gemeentewet, worden de bevoegdheden tot het stellen van uitvoeringsregels in de zin van de artikelen 3, 4 en 5 uitgeoefend door die commissie.
Een besluit van een commissie tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van deze verordening behoeft de goedkeuring van burgemeester en wethouders.
Burgemeester en wethouders kunnen met betrekking tot hetgeen in dit artikel wordt bepaald nadere procedurevoorschriften vaststellen, zulks mede in het belang van het overleg als bedoeld in hoofdstuk 12 van de arbeidsvoorwaardenregeling.