Naar hoofdinhoud
Lid 1 Aan de ambtenaar wordt voor het gebruik van de eigen auto bij de vervulling van de functie een vergoeding toegekend als dit gebruik in het belang van de dienst wordt geacht. Lid 2 Het gebruik wordt in het belang van de dienst geacht als het uit een oogpunt van algemene bedrijfsvoering doelmatig is. Hieronder wordt niet gerekend het gebruik van de eigen auto voor het woon- en werkverkeer, ook niet als werkzaamheden buiten normale werktijden extra ritten noodzakelijk maken. Lid 3 Voor het gebruik van de eigen auto voor dienstdoeleinden wordt een vergoeding toegekend in de vorm van een bedrag per afgelegde kilometer. Lid 4 De vergoeding als bedoeld in dit artikel wordt toegekend voorzover het bevoegd gezag ten aanzien van het gebruik verklaart dat het aantal gereden kilometers in het belang van de dienst is geschied.

Rechtspraak bij dit artikel