Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 22

Drempelbedrag

Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer gemeente Pijnacker-Nootdorp 2011

Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, van wie het inkomen tezamen meer bedraagt dan € 23.400,--, wordt slechts bekostiging verstrekt voorzover de kosten van het vervoer van die leerling de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 8 bepaalde afstand te boven gaan. In geval burgemeester en wethouders in plaats van bekostiging in geld te verstrekken het vervoer zelf verzorgen dan wel doen verzorgen, betalen de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, per leerling per schooljaar een eigen bijdrage die gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 8 bepaalde afstand, indien het inkomen van de ouders meer bedraagt dan € 23.400,--. De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede lid, betreffen de kosten van openbaar vervoer die op grond van de zone-indeling in de regeling die is gebaseerd op artikel 30, eerste lid, van de Wet personenvervoer 2000, voor de afstand redelijkerwijs zouden worden gemaakt, ongeacht de aanwezigheid van openbaar vervoer of het daadwerkelijk gebruik ervan. Het bedrag van € 23.400,--, genoemd in het eerste en tweede lid, wordt met ingang van 1 januari 2012 jaarlijks aangepast aan de wijziging die het indexcijfer van de regelingslonen van volwassen werknemers heeft ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar en rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 450,--. Het aangepaste bedrag treedt in plaats van het in het eerste en tweede lid genoemde bedrag van € 23.400,--. Deze bepaling is niet van toepassing op de leerling voor wie ingevolge artikel 9 (niet in combinatie met artikel 10) of titel 6 een vervoersvoorziening is verstrekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel