De aanschafkosten van duurzame gebruiksgoederen worden geacht bestreden te kunnen worden uit het normaal ter beschikking staande inkomen. De bijstandsuitkering danwel een inkomen dat ter hoogte is van de voor de belanghebbende van toepassing zijnde bijstandsnorm wordt in elk geval toereikend geacht te zijn. In het inkomen wordt voldoende ruimte geacht te zijn om voor deze kosten te reserveren danwel deze achteraf gespreid te betalen.
Voor de voorziening in de behoefte van noodzakelijke duurzame gebruiksgoederen wordt zoveel mogelijk verwezen naar kredietverlenende instellingen.
Indien als gevolg van bijzondere omstandigheden van persoon of gezin bijstandsverlening toch noodzakelijk is, kan het college besluiten een renteloze lening te verstrekken in de kosten van aanschaf van duurzame gebruiksgoederen.
Indien de geldlening is verstrekt ten behoeve van een volledige woninginrichting en door de aanvrager gedurende 36 maanden de vastgestelde aflossingsbedragen zijn voldaan, wordt de resterende geldlening omgezet in bijstand om niet.
De bedragen die maximaal als renteloze lening worden verstrekt voor volledige woninginrichting zijn afhankelijk van de samenstelling en omvang van het gezin en zijn ten hoogste 2/3 van de meest actuele prijzengids van het Nibud.
Hoofdstuk
Artikel 29
Kosten voor de vervanging of aanschaf van duurzame gebruiksgoederen
Onderdeel van Richtlijnen bijzondere bijstand 2011