Naar hoofdinhoud
1. De Algemeen directeur, de directeur Financiën, de directeur Uitvoering, de  unitmanagers van de Dienst Regelingen en de manager en plaatsvervangend manager Recht en Rechtsbescherming zijn gemachtigd om namens Gedeputeerde Staten te beslissen en stukken te ondertekenen betreffende de beantwoording van aan Gedeputeerde Staten gerichte individuele brieven en mondelinge verzoeken, die betrekking hebben op de in artikel 2 onderdelen a. tot en met g. genoemde regelingen, voor zover het antwoord zich beperkt tot een beschrijving van de geldende wet- en regelgeving c.q. van het vigerende beleid, althans niet van zodanige beleidsmatige, politieke of financiële betekenis is, of anderszins vanwege zijn aard of inhoud zodanig is, dat deze door Gedeputeerde Staten dienen te worden afgedaan. 2. De Algemeen directeur, de directeur Financiën, de directeur Uitvoering, de manager en de plaatsvervangend manager Recht en Rechtsbescherming van de Dienst Regelingen zijn gemachtigd om namens Gedeputeerde Staten te beslissen en stukken te ondertekenen betreffende: besluiten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur, voor zover die betrekking hebben op de in artikel 2 onderdelen a. tot en met g. genoemde regelingen; besluiten op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens als bedoeld in de artikelen 30, derde lid, 35, 36 en 38, tweede lid, 40 of 41 van die Wet, voor zover die betrekking hebben op de in artikel 2 onderdelen a. tot en met g. genoemde regelingen. 3. De Algemeen directeur van de Dienst Regelingen is gemachtigd om namens Gedeputeerde Staten te beslissen en stukken te ondertekenen betreffende de afhandeling van klachten en klaagschriften, als bedoeld in hoofdstuk 9.1 van de Algemene wet bestuursrecht, voor zover die betrekking hebben op de in artikel 2 onderdelen a. tot en met g. genoemde regelingen en de antwoorden zich beperken tot een beschrijving van de geldende wet- en regelgeving c.q. van het vigerende beleid, althans deze klachten of klaagschriften niet van zodanige beleidsmatige, politieke of financiële betekenis zijn, of anderszins vanwege hun aard of inhoud zodanig zijn, dat deze door Gedeputeerde Staten dienen te worden afgedaan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel