In dit besluit wordt een aantal begrippen gehanteerd, waaronder het volgende wordt verstaan:
Ten aanzien van mandaat
mandaat : de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan (de mandans) een besluit te nemen in de zin van artikel 1:3 Awb;
mandans : degene die het mandaat verleent;
mandataris : degene die het mandaat ontvangt.
Ten aanzien van volmacht
volmacht : de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan (de volmachtverlener) te besluiten tot privaatrechtelijke rechtshandelingen en deze te verrichten;
volmachtverlener : degene die de volmacht verleent;
volmachtontvanger : degene die de volmacht ontvangt.
Ten aanzien van machtiging
machtiging : de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan (de machtigingverlener) te besluiten tot feitelijke handelingen en deze te verrichten;
machtigingverlener : degene die de machtiging verleent;
machtigingverkrijger : degene die de machtiging ontvangt.
Voor de toepassing van deze regeling en de daarop berustende bepalingen worden, voorzover niet genoemd, met mandaat gelijkgesteld de verlening van volmacht en machtiging.
Toelichting artikel 1
Deze bepaling is opgenomen om duidelijk te maken, wat onder mandaat, volmacht en machtiging wordt verstaan, aangezien ze door elkaar voorkomen in dit besluit. In artikel 10:1 van de Awb is bepaald dat mandaat de bevoegdheid is om in naam van een bestuursorgaan een besluit te nemen in de zin van art 1:3 Awb. Onder besluit wordt verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling, dus een handeling gericht op rechtsgevolg. Voorbeelden zijn het afgeven van een vergunning of ontheffing op grond van de Algemene plaatselijke verordening. Bij mandaat gaat de bevoegdheid niet over naar de gemandateerde, maar wordt de bevoegdheid in naam van de mandans uitgeoefend. De mandans blijft verantwoordelijk voor de uitoefening van de bevoegdheid.
Volmacht is de privaatrechtelijke tegenhanger van mandaat en heeft betrekking op het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen zoals het aangaan van koop- en verkoopovereenkomsten, het afsluiten van geldleningen en het afhandelen van aansprakelijkstellingen.
Machtiging heeft betrekking op feitelijke handelingen, dus geen publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtshandelingen. Feitelijke handelingen zijn bijvoorbeeld het geven van informatie, het vragen van inlichtingen, het uitbrengen van advies, de afhandeling van klachten of de afsluiting van een straat.
Alle bevoegdheden als bedoeld onder punt II worden dus door de functionaris, aan wie mandaat, volmacht of machtiging is verleend uitgeoefend in naam en onder verantwoordelijkheid van het ter zake bevoegde bestuursorgaan. Artikel 10:12 Awb verklaart de hele afdeling over mandaat van de Awb van overeenkomstige toepassing op de volmacht en machtiging.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Algemeen Mandaat-, Volmacht- en Machtigingsbesluit 2009